Header

Oefentests

Alles wat u moet weten over onze tests

Ieder vergelijkend onderzoek omvat een selectieprocedure waarbij u als kandidaat een reeks tests moet afleggen. Daarmee beoordelen we uw kennis en vaardigheden. Bij de eerste ronde moet u meestal meerkeuzevragen beantwoorden op de computer, tenzij u als specialist solliciteert. In dat geval worden in de eerste ronde soms alleen uw kwalificaties bekeken.

Wie voor die meerkeuzetests en/of de selectie op basis van kwalificaties slaagt, en volgens het online-sollicitatieformulier ook aan alle algemene en bijzondere voorwaarden voldoet, wordt uitgenodigd voor een assessment.

Zo’n assessment vindt doorgaans plaats in Brussel of Luxemburg en duurt een dag, of soms enkele dagen. Bij een assessment testen we uw algemene competenties en de specifieke vaardigheden voor de betrokken functie of het betrokken vakgebied.

Op de volgende pagina’s vindt u oefentests, voorbeelden van tests uit beide rondes. Ze geven u een idee van de vragen die u kunt verwachten. Let op: het aantal en soort tests kan variëren naargelang van het vergelijkend onderzoek en het niveau van de functie. Wat de tests in uw geval precies inhouden, leest u in de aankondiging van het vergelijkend onderzoek (of de oproep tot het indienen van blijken van belangstelling).

EPSO biedt naast deze oefentests geen voorbereidende cursussen of documentatie, en het ondersteunt ook geen publicaties of cursussen die door andere organisaties worden aangeboden.

Sommige EU-landen organiseren zelf opleidingen en begeleiding voor hun onderdanen. Informatie hierover kunt u krijgen op hun contactadressen of bij de permanente vertegenwoordiging bij de EU.

 

Assistent (AST-SC)

  • Onlinetests: tests van het redeneervermogen (verbaal, numeriek en abstract) en tests van de professionele vaardigheden ("prioriteiten stellen en organiseren" en "basiskennis IT")
  • E-tray-opdracht: simulatie van een realistische werksituatie waarbij u een elektronische postbak wordt gepresenteerd met informatie over een specifieke aangelegenheid. 
  • Talenkennistest: Engels, Frans, Duits
  • Test financiële vaardigheden: Engels, Frans, Duits
  • Nauwkeurigheid en precisie: EngelsFransDuits
     
  • Test Microsoft Office-vaardigheden:
    Bij deze test moet u een document opstellen en/of bewerken in MS Word en in Excel (MS Office voor Windows 7 – MS Office 2010). U krijgt hiervoor 60 minuten de tijd.
     
  • Test redactionele vaardigheden:
    Bij deze praktische test worden uw redactionele vaardigheden beoordeeld (met name spelling, woordenschat en grammatica) in taal 2, niet uw kennis van het onderwerp van de stelopdracht.
    U mag een onderwerp kiezen uit een lijst. Over dit onderwerp moet u een tekst schrijven.
    U moet dit doen op de computer en u krijgt daarvoor 30 minuten de tijd.
     
  • Rollenspel:
    Deze oefening wordt voorafgegaan door een schriftelijke uitleg. U krijgt 5 à 10 minuten de tijd om de vergadering met een "klant" voor te bereiden. U speelt de rol van iemand met de functie waarnaar u solliciteert. De rol van de "klant" wordt ook uitgelegd, net als de probleemstelling.
    Met het rollenspel, dat ongeveer een kwartier duurt, wordt een aantal algemene vaardigheden getest. U bespreekt samen met de "klant" het probleem. De "klant", een getraind personeelslid, geeft u aanvullende informatie aan de hand van een min of meer gestructureerd script. De vergadering vindt plaats in het bijzijn van twee leden van de jury. Ze maken alleen notities, ze zijn verder niet bij de vergadering betrokken. Aan het eind van de oefening bepalen de juryleden uw score. 
     
  • Vakgebiedtest:
    Deze test omvat een reeks meerkeuzevragen om na te gaan hoe geschikt u bent voor de taken van het specifieke profiel. Elke vraag is gebaseerd op een scenario waarbij u kunt kiezen uit vier antwoorden, waarvan er slechts één juist is. Meer informatie vindt u in de aankondiging van het vergelijkend onderzoek en in de uitnodiging.

 

Assistent (AST)

  • Correctietest:
    Bij deze test moet u de taalfouten (op het niveau van grammatica, spelling, interpunctie en vocabulaire) en formatteringsfouten (bijv. nummering) in een vertaling corrigeren.
    De brontekst in taal 2 verschijnt op het scherm. U krijgt een vertaling in taal 1 in MS Word-formaat (MS Office 2010) met vertaal- en formatteringsfouten. U moet de fouten opsporen en corrigeren, zodat de tekst overeenstemt met de brontekst.
    U krijgt hiervoor ongeveer een uur.
     
  • Opstellen van een nota in verband met de functie/Schriftelijke test op het vakgebied:
    Met deze test wordt nagegaan of u beschikt over een aantal bekwaamheden die voor de functie en het specifieke profiel vereist zijn. Met een korte schriftelijke uitleg wordt u een bepaald probleem voorgelegd. U moet een nota opstellen waarin u onder meer ingaat op de manieren waarop dit probleem kan worden aangepakt. U legt deze test aan de computer af in taal 2. In de aankondiging van het vergelijkend onderzoek staat hoeveel punten u minimaal dient te behalen.
     
  • Specifiek gedragsgericht interview/Interview in verband met het vakgebied:
    Bij dit gesprek wordt een beoordeling gemaakt van sommige of alle vaardigheden die voor de functie en het profiel vereist zijn. Het gaat om een gestructureerd gesprek met twee leden van de jury. Het gesprek vindt plaats in de taal die u heeft gekozen als taal 2. In de aankondiging van het vergelijkend onderzoek staat hoeveel punten u minimaal dient te behalen. Het specifiek gedragsgericht interview/interview in verband met het vakgebied mag niet worden verward met het algemeen gedragsgericht interview, dat ook gestructureerd is, maar dat op algemene, in plaats van op specifieke vaardigheden is toegespitst. 

 

Administrateur (AD, generalist)

  • Tests redeneervermogen: verbale, numerieke en abstracte interactieve tests en situatiebeoordelingstests
  • Voorbeeld situatiebeoordelingstest: EngelsFransDuits en voorbeeld correctiemethode
  • E-tray-opdrachtsimulatie van een realistische werksituatie waarbij u een elektronische postbak wordt gepresenteerd met informatie over een specifieke aangelegenheid.  
  • Groepsopdracht: EngelsFransDuits
  • Mondelinge presentatie: EngelsFransDuits
  • Casestudy: EngelsFransDuits
     
  • Motivatiegesprek:
    Kandidaten hebben allerlei redenen om voor de EU te willen werken. We kijken daarom naar verschillende factoren: Waar komt uw belangstelling vandaan? Kent u de EU-waarden en hoe belangrijk vindt u die? Wat weet u van de huidige en toekomstige uitdagingen voor de EU? Wat verwacht u van een loopbaan bij de EU? Wat weet u van de EU en de oprichting, de instellingen en de belangrijkste beleidsterreinen van de EU?
    Op basis van dit soort vragen voert u een gestructureerd motivatiegesprek van 20 minuten met twee leden van de jury.

 

Administrateur (AD, specialist)

  • Tests redeneervermogen: verbale, numerieke en abstracte interactieve tests en situatiebeoordelingstests
  • Voorbeeld situatiebeoordelingstest: EngelsFransDuits en voorbeeld correctiemethode
  • E-tray-opdrachtsimulatie van een realistische werksituatie waarbij u een elektronische postbak wordt gepresenteerd met informatie over een specifieke aangelegenheid. 
  • Groepsopdracht: EngelsFransDuits
  • Mondelinge presentatie: EngelsFransDuits
  • Casestudy: EngelsFransDuits
     
  • Specifiek gedragsgericht interview/Interview in verband met het vakgebied: 
    Bij dit gesprek wordt een beoordeling gemaakt van een deel van of alle vaardigheden die voor de functie en het profiel vereist zijn. Het gaat om een gestructureerd gesprek met twee leden van de jury. Het gesprek vindt plaats in de taal die u heeft gekozen als taal 2. In de aankondiging van het vergelijkend onderzoek staat hoeveel punten u minimaal dient te behalen. Het specifiek gedragsgericht interview/interview in verband met het vakgebied mag niet worden verward met het algemeen gedragsgericht interview, dat ook gestructureerd is, maar dat op algemene, in plaats van op specifieke vaardigheden is toegespitst.
     
  • Opstellen van een nota in verband met de functie/Schriftelijke test op het vakgebied: 
    Met deze test wordt nagegaan of u beschikt over een aantal bekwaamheden die voor de functie en het profiel vereist zijn. Met een korte schriftelijke uitleg wordt u een bepaald probleem voorgelegd. U moet schriftelijk uitleggen hoe u dit probleem zou aanpakken. U legt deze test aan de computer af in taal 2. In de aankondiging van het vergelijkend onderzoek staat hoeveel punten u minimaal dient te behalen.

 

Jurist-linguïst (AD)

 

Vertaler (AD)

  • Tests redeneervermogen: verbale, numerieke en abstracte interactieve tests
  • Vertaaltests
  • Talenkennistest:  Engels, Frans, Duits
  • Groepsopdracht: EngelsFransDuits
  • Mondelinge presentatie: EngelsFransDuits
     
  • Taalvaardigheidstest in de hoofdtaal: voorbeeld
    De taalvaardigheidstest in de hoofdtaal verkeert nog in het proefstadium. In 2017 kunt u op dit onderdeel niet worden uitgeschakeld en het resultaat voor deze test telt niet mee in uw score voor het vergelijkend onderzoek. De resultaten worden uitsluitend geanalyseerd, anoniem, met het oog op de organisatie van vergelijkende onderzoeken in de toekomst.
    De taalvaardigheidstest in de hoofdtaal is een meerkeuzetest met 25 onafhankelijke vragen. Bij elke vraag kunt u kiezen uit vier antwoorden (A, B, C en D), waarvan er slechts één juist is. Voor deze test krijgt u 25 minuten. Met de vragen testen we uw kennis op de volgende gebieden: grammatica, woordenschat, idioom, spelling en interpunctie.

 

Tolk (AD)

 

Arbeidscontractanten

  • Tests redeneervermogen:
    Voor functiegroep I, zie Assistent (AST-SC).
    Voor functiegroep II, zie Assistent (AST-SC)
    Voor functiegroep III, zie Assistent (AST).
    Voor functiegroep IV, zie Administrateur (AD, generalist).
     
  • Bekwaamheidstest: Dit is een test met meerkeuzevragen om uw kennis in verband met een specifiek profiel te beoordelen. Lees de aankondiging voor meer informatie.

    CAST Permanent (EPSO/CAST/P1-P17/2017 - EPSO/CAST/P19/P20/2018 - EPSO/CAST/P21/P22/2019): De bekwaamheidstest voor contractanten omvat 25 meerkeuzevragen waarmee wordt nagegaan hoe geschikt u bent voor de taken van het specifieke profiel. De vragen in de bekwaamheidstests houden verband met de taken die vermeld zijn in de oproep tot het indienen van blijken van belangstelling. Zij zijn niet specifiek afgestemd op een van de instellingen/agentschappen/diensten. Elke vraag geeft een scenario waarbij u kunt kiezen uit vier antwoorden, waarvan er slechts één juist is.  Met elke vraag kunt u een punt verdienen. Foute antwoorden worden niet bestraft. U krijgt 50 minuten de tijd voor de 25 meerkeuzevragen.  Bij de beoordeling speelt de tijd wel een rol, maar de test is zo opgezet dat u alle vragen binnen de tijd zou moeten kunnen beantwoorden. U legt deze bekwaamheidstest af in de taal die u heeft gekozen als taal 2. Voor functiegroepen II en III moet u minimaal 13 van de 25 vragen goed beantwoorden, voor functiegroep IV moeten dat er minstens 16 zijn.

Bekijk onze oefentests voor het profiel Financiën: vragen over financiële procedures, accounting, analyse en advies (audits en controles), en eventueel ook over economische theorieën en instrumenten om economische en financiële tendensen, ontwikkelingen en data te monitoren en te analyseren.
Bekijk onze oefentests voor het profiel Project-/programmabeheer: vragen over project-/programmabeheer (planning, monitoring, evaluatie enz.) en relevante financiële aspecten, communicatie en kwaliteitsborging.
Bekijk onze oefentests voor het profiel Secretariaats-/kantoormedewerkers: vragen over secretariaats- en ondersteunende taken zoals vergaderingen en dienstreizen organiseren, documenten, post en e-mail sorteren en archiveren, agenda bijhouden enz. Ook de basiskennis van MS Office-software wordt getest.
Bekijk onze oefentests voor het profiel Administratie en human resources: voor het merendeel vragen over personeelsbeheer en beroepsopleiding.
Bekijk onze oefentests voor het profiel Communicatie: vragen over concrete instrumenten, zoals bijvoorbeeld briefings, factsheets, onlinecommunicatie en sociale media, en over projectbeheer, zoals het opstellen en uitvoeren van communicatiestrategieën.
Bekijk onze oefentests voor het profiel Politieke zaken en EU-beleid: vragen over beleidskwesties, zowel algemeen als op EU-niveau, en eventueel over juridische en economische zaken.
Bekijk onze oefentests voor het profiel Rechten: vragen over EU-, nationaal en internationaal recht, en eventueel over beleids- en economische zaken.
Bekijk onze oefentests voor het profiel Informatie- en communicatietechnologie (ICT): vragen over allerlei aspecten van ICT, bijvoorbeeld over programmeertalen (Java, Visual Basic, Visual C# enz.), gebruikersplatformen en besturingssystemen (bijv. Windows en Unix), netwerkbeheer en telecom.
Bekijk onze oefentest voor het profiel Kinderverzorging: vragen over naschoolse en openluchtopvang (kinderen van 3,5-14 jaar), kleuteronderwijs en verzorging van kinderen van 0-3 jaar in crèches.
Bekijk onze oefentests voor het profiel Onderwijspsychologie: vragen over allerlei onderwerpen zoals de coördinatie van werk en personeel in een centrum voor kinderopvang of naschoolse opvang, de kwaliteit van leven van kinderen en de interactie met de ouders, de ontwikkeling en evaluatie van opvoedings- en leerdoelstellingen, enz.

CAST Permanent (EPSO/CAST/P18/2017 - Manuele en administratieve ondersteuning): Voor dit profiel wordt geen bekwaamheidstest georganiseerd.

Al deze tests kunt u per computer, op dezelfde dag en in een testcentrum naar keuze afleggen. Die lijst van testcentra krijgt u bij uw uitnodiging.

Woordenlijst

Test abstract redeneervermogen :

beoordeling van uw vermogen om verbanden tussen concepten die niet van talige, ruimtelijke of numerieke aard zijn, te ontdekken en te begrijpen

Casestudy :

test per computer op basis van een relevante situatie die u voor verschillende problemen plaatst die u moet oplossen of waarop u moet reageren, waarbij u alleen het aangeboden materiaal mag gebruiken

E-tray :

test per computer waarbij u een reeks vragen moet beantwoorden met behulp van informatie in een mailbox

Groepsopdracht :

nadat u individueel een aantal gegevens hebt bestudeerd, bespreekt u uw conclusies in een groep met andere deelnemers om tot een gezamenlijke beslissing te komen

Test numeriek redeneervermogen :

beoordeling van uw numerieke redeneervermogen en uw begrip van numerieke informatie

Mondelinge presentatie :

individueel af te leggen examenonderdeel betreffende analyse en presentatie, waarbij u een voorstel moet formuleren voor een fictief probleem in verband met een werksituatie. Na het analyseren van de documentatie moet u uw ideeën presenteren aan een kleine groep mensen.

Situatiebeoordelingstest :

beoordeling van uw gedrag in een beroepssituatie

Test verbaal redeneervermogen :

beoordeling van uw verbale redeneervermogen en uw begrip van verbale informatie